De geschiedenis van Coevorden

Coevorden was vroeger een van de belangrijkste vestingsteden van het land en is de oudste stad van Drenthe. De eerste vermelding van de plaatsnaam komt uit 1036, in de naam van Fredericus van Coevorden. De eerste schriftelijke vermelding van Coevorden dateert van 1148. Op een oorkonde wordt gesproken over Coevoorde, een plaats waar boeren hun koeien door een doorwaadbare plek (voorde) in een rivier dreven.

Strategische plek

Coevorden lag strategisch op een zandrug in het uitgestrekte Boertanger Moeras en op de route van Groningen naar Munster. Reizigers waren zo gedwongen door de kasteelstad te trekken. Dit maakte Coevorden interessant voor generaals en kooplieden. En met hen kwamen ambachtslieden, wetenschappers en kunstenaars. Coevorden werd daardoor een welvarende vestingstad.

Radiale stratenstructuur

De radiale stratenstructuur en de stervormige stadsgracht dateren uit eind zestiende, begin zeventiende eeuw, toen de stad opnieuw werd opgebouwd na het Spaanse beleg. Militair ingenieur Menno van Coehoorn ontwierp de vestingwerken, die in de zeventiende eeuw de sterkste van Europa waren. Dat was ook wel nodig, want er was veel verwoest nadat prins Maurits van Oranje er de Spaanse troepen in 1592 had verdreven. Uit deze opbouwperiode stammen ook veel oude gebouwen in de stad, zoals de Nederlands Hervormde Kerk (1641-1647). De Hervormde Kerk is een van de eerste protestantse kerkgebouwen in Nederland. De bouw van de kerk werd trouwens betaald van de belasting die werd geheven op elke ton bier die in Coevorden werd verkoch

Periode van verval

In de 18e eeuw stopte de bevolkingsgroei van Coevorden. De stad was altijd een doorgangsplaats voor turfschippers geweest, die vanuit de Duitse en Zuidoost-Drentse veengebieden turf naar de grote steden in het westen afvoerden. Maar nadat het veen afgegraven was, verviel ook de functie van de haven van Coevorden. Omdat de stad relatief groot was, bleef het een tijd lang nog een belangrijke centrumfunctie voor de regio houden. Deze werd alleen langzaam overgenomen door Emmen.

Franse overheersing

In 1795 werd Coevorden door de Fransen ingenomen, wat duurde tot 1814. Het Franse leger werd als bevrijdingsleger ontvangen, de patriotten hadden voldoende steun opgebouwd en de trouw aan Oranje was niet al te groot. De Coevorder magistraat had patriot Berend Slingenberg benoemd tot secretaris, dit voorkwam echter niet dat de magistraat werd afgezet. Slingenberg werd secretaris van het Comité Revolutionair, en werd in 1811 (burgemeester) benoemd. De Fransen lieten na de troonsafstand van Napoleon de stad in 1814 gehavend staat achter, 43 huizen, 20 schuren en 2 molens werden in een brand verwoest, met een totale schade van 76.000 gulden.

Na de Tweede Wereldoorlog

Het inwonertal nam snel weer toe, nadat de Tweede Wereldoorlog was afgelopen. Als voorzieningencentrum werd Coevorden voor de regio overvleugeld door Emmen. Diverse instellingen en bedrijven verhuisden van Coevorden naar Emmen, zoals de belastingdienst en de 'kweekschool voor onderwijzers'.

Jaren 70 en 80

In de zeventiger en tachtiger jaren kende Coevorden verschillende renovatieprojecten, zoals het Kasteel en het Arsenaal, die in oude luister zijn hersteld. Ook oude wijken in de binnenstad werden geheel opgeknapt, of in nieuwe vorm opgebouwd, met inachtneming van de historische waarden.

In de tachtiger en negentiger jaren komt er weer een economische opbloei. De winkelstraten worden opnieuw ingericht en autovrij gemaakt. Diverse bedrijven vestigen zich in Coevorden, waaronder diervoedergigant IAMS. Ook de Navo toonde interesse in Coevorden: in 1984 kwam een groot wapen-, voertuigen- en munitiedepot, waar zo'n 250 mensen werk vonden. In 1999 is het Navo-depot opgeheven; de overgebleven gebouwen zijn nu in gebruik van het Nederlandse leger, voor opslag en onderhoud van materieel.

Jaren 90 tot nu

Midden jaren negentig lanceert het gemeentebestuur een ambitieus project: het Europark. Een grensoverschrijdend bedrijvenpark - voor tweederde op Duits grondgebied - waar op den duur zo'n 6000 mensen werk zullen vinden. Op het Europark zijn en worden diverse logistieke faciliteiten ontwikkeld, zoals een containerterminal, laad- en rangeerstations voor treinen, kranen en loodsen voor op- en overslag en een haven (voor 1000 ton schepen). Coevorden wil met het Europark 'draaischijf' worden op de groeiende goederenstroom, over weg, water en rails, tussen West-Nederland en Oost- en Noord-Europa. Eind 1999, begin 2000 ontwikkelt de gemeente een structuurvisie voor de (toekomst) van de stad. De bevolking is hier nauw bij betrokken. Deze sprak zich onder meer uit voor behoud en herstel van de historische waarden van de stad.

Literatuur

Over de stad Coevorden zijn een aantal boeken verschenen:

Drenthe's veste, geschiedenis van Coevorden; H. E.A. Gras,  (1998). Groningen: Uitgeverij Endymion;
Coevorden, Stadt en Heerlickheyt; H.D. Minderhoud, (1978) Coevorden-Dalen: RABO-Bank;
Historie van Coevorden; Mr. A. Veenhoven,  (1969) Groningen: Wolters-Noordhoff N.V.