De bevrijding van Coevorden

Uit het gemeente-archief/bijdragen Henk Hoiting en Rieks Arends

Zondag 1 april 1945

Deze paaszondag zou dan de laatste zijn onder de Duitse onderdrukking. Steeds weer hoorde men dat de Canadezen Nordhorn al voorbij zouden zijn, maar hoe vaak hadden dergelijke geruchten de rondte al gedaan? De pessimisten wilden er dan ook niets van horen en verkondigden troosteloos hun mening dat ze ons wel zouden vergeten.'s Middags om een uur of twaalf arriveerde er een Duitse auto met een stelletje dikke zenuwachtige heren met mooie bruine pakken aan en een rode band om de arm waarop een prachtig hakenkruis geborduurd was. De mee-ingewijden, dit waren zij die reeds te Smilde te werk gesteld waren geweest, wisten al gauw te vertellen dat dit nu de O.T. (Operation Todt) was, Coevorden zou dus wel gauw op de schop moeten staan. De N.S.B. burgemeester Cloosterman moest dadelijk komen en maatregelen treffen zodat de heren de volgende morgen de beschikking over minstens 300 man zou hebben. Deze mannen zouden zgn. eenmansgaten moeten graven en door deze nobele daad Coevorden zodanig te 'versterken' zodat de Geallieerden het lef niet zouden hebben Villa Cruptoricis te benaderen, of erger nog, in te nemen. Er heerste zo'n beetje een kermissfeer in de anders zo stille straten. Een ieder ging de straat op, men voelde dat er 'iets aan de knikker' was. Zelfs de anders zo stoere Landwacht kreeg het te kwaad en begon uit arren moede persoonsbewijzen te controleren. De burgemeester liet in allerijl bij een bevriende drukkerij oproepkaartjes maken die nog dezelfde dag rondgebracht werden.

Maandag 2 april 1945

's Morgens waren er nog geen 100 werklustigen aanwezig. Maar met dit handjevol ging de O.T. op weg om de 'versterkingen' op deskundige wijze aan te brengen. Toch kwam er enige beroering onder de Duitsers. Alleen de N.S.K.K. (Nationalsozialistisches Kraftfahrkorps) bleef rustig. De Lazarett-soldaten begonnen 's middags alvast verbandstoffen enz. in te pakken, en de ziekenwagens werden gereedgezet. Ook de Landwacht kwam in beweging: met rieten koffertjes achter op de fiets, het geweer aan hun schouders bengelend verlieten zij met ware heerschersblik Coevorden. Het 'Rote Kreuze' vervoerde die nacht haar eerste transport gewonden naar Ter Apel. Die nacht  vloog een verkenningsvliegtuig boven slapend Coevorden. Plotseling een knal en de gehele stad werd verlicht. Coevorden werd gefotografeerd door middel van magnesiumbommen.

Dinsdag 3 april 1945

Het is donker weer. Rode Kruiswagens staan onder de bomen geparkeerd, maar de Amerikaanse Lightnings schieten met pijnlijke nauwkeurigheid er enkelen stuk. De dag gaat verder rustig voorbij, alleen het Rode Kruis werkt door, want 's nachts moeten er weer gewonden vervoerd worden. Allemaal gewonden van de Slag om Arnhem (Operation Market Garden). En weer komt de vliegtuigverkenner met magnesium.

Woensdag 4 april 1945

De spanning duurt velen te lang, de Landwacht laat zich ook weer zien, maar het N.S.K.K.-gespuis verdwijnt. Verontrustend is het feit dat er nog behoorlijk veel Duitsers zijn, de meer ouderen in de stad en de meer jongeren (18,19 jaar) zijn buiten Coevorden gelegerd. 's Nachts wordt het laatste transport gewonden vervoerd, zij die nog achterblijven kunnen niet meer genezen en zij zijn stervende. Ook de vliegtuigverkenner komt weer, nu voor het laatst.

Donderdag 5 april 1945

De dag begint precies eender als een andere, dus rustig. Niemand voelt dat er iets bijzonders gaat gebeuren, alleen de hogere Duitse officieren, ze maken alles klaar voor een overhaast vertrek. 's Middags klinkt ineend de sirene. Er is geen vliegtuig te horen, wat zouden we nu weer beleven? Plotseling wordt er in de cultuurbrengende taal geschreeuwd: "Fenster aufmachen, die Brûcke wird gesprengt". Iedereen haast zich deze vriendelijke raad op te volgen onderwijl meteen de kelder voor een paar dagen verblijf in gereedheid brengende. De mensen die voor de O.T. hadden gewerkt konden naar huis gaan, de heren zelf verdwenen ook naar elders, hun taak was volbracht: zij hadden 1766 gaten laten graven, hoeveel zouden ervan gebruikt worden? Toen na een uur de Bentheimerbrug nog niet opgeblazen was, begon de meesten het kelderleven te vervelen en gingen eens buiten een kijkje nemen. De Duitsers, meest jongeren, de ouderen waren al weg, met lange patroonbanden om het lichaam stuurden allen naar binnen, met de simpele woorden 'In Keller', zij waren bar zenuwachtig. Nu en dan zag men enkelen langs de huizen sluipen met pantzerfausten. Niemand mocht buiten komen, alleen N.S.B.-ers beladen met het hoogst nodige, hadden vrije aftocht. Ongeveer 2.30 uur kwamen de Canadezen in zicht, zij stonden bovenop hun tanks en carriers, gewapend met stenguns, terwijl hun mitrailleurs ratelden welk vuur direct door de Duitsers beantwoord werd. Ze bliezen met een geweldige explosie zowel de brug als een groot deel van de in de buurt staande huizen de lucht in. De Duitsers voor de brug waren nu meteen van hun kameraden afgesneden, zij moesten dus vechten. Het waren nog maar jongens, waaronder enkelen die meer fanatiek waren en daardoor de anderen met zich mee sleepten. Rustig reden de tanks en andere gevechtswagens over de Esschenbruggerdijk Coevorden binnen. Vanuit een paar boerderijen werd op hen geschoten, die echter onmiddellijk door een terugkerende tank in brand werd geschoten. Voor de Eendrachtstraat, op het kruispunt met de Schoonebeekerweg (nu Nordhornerstraat) hadden zich twee jonge Duitse soldaten in wat sierheesters verborgen met een pantzerfaust. Toen de eerste gevechtswagen een 20 meter van hen verwijderd was, schoten zij de wagen in brand, waarbij twee Canadezen in de vlammen omkwamen, de twee anderen konden er nog op tijd uitkomen en namen de Duitse soldaten voor hun rekening. Om ongeveer 6 uur was Coevorden vóór de brug door de Canadezen bezet, en nu namen de Canadezen eerst wat rust. Vanuit de toren van de N.H.-kerk werd nog geschoten. Twee welgemikte schoten vanuit een kanon deed het middenstuk verdwijnen. Daarbij kwamen ook 3 Duitsers om. Tot ongeveer 9 uur 's avonds bleven de laatste Duitsers nog in Coevorden, toen gingen zij heen, wetend dat het de volgende dag toch mis zou gaan, en probeerden daarom het vege lijf maar te redden door op de vlucht te gaan. Diezelfde avond nog kropen velen nog over de kapotte brug teneinde de bevrijders te verwelkomen en.. om een Sweet Corporal te roken.

6 april

De morgen op 6 april 1945 heerste aan de overzijde van de Bentheimerbrug een grote drukte.Voor de mannen van het “Lake Superior Regiment” was de reveille geblazen. Dit was tevens het sein voor de verzetsbeweging (NBS), die ’s nachts in de stad had gepatrouilleerd en die zich in het Arbeidsbureau had geconcentreerd, om nogmaals contact op te nemen met de Canadezen. Zij troffen bij de ruïne van de Bentheimerbrug commandant major Calqhoun aan en lichten hem in over de militaire situatie in het overige gedeelte van de stad. Deze inlichtingen waren nogal geruststellend en voor major Calqhoun aanleiding zijn manschappen onmiddellijk opdracht te geven de stad via de brugbarriëre in het kanaal binnen te trekken.
De bevolking jubelde en schreeuwde: “ha. De Tommies, ze zijn d’r’”. Maar major Calqhoun reageerde grimmig: “no, no Tommies, Canadians !”
Tegelijkertijd deelde hij hij zijn orders uit. De stad moest worden afgezocht naar eventuele achtergebleven Duitsers. En terwijl dit gebeurde, bezette hij met zijn kader de “Ortskommandantur” op het Marktplein, waar enkele uren van beraadslaging met de leiding van de NBS volgden.

Uitrusten

Major Calqhoun gaf daarna te kennen een ogenblik te willen uitrusten, waarbij hij door niemand, zelfs niet door zijn ordonnansen, gestoord wenste te worden. Hij dacht rust te vinden in het huis van de familie Eilander, maar amper had hij hier een voet binnen de deur gezet, of de mensen kwamen aandragen met vlees, melk, jam, koek, boter, eieren enz.
Zij wilden hem. De “triomfator”, beslist hun dankbaarheid betonen. Pas toen hij een stevig maal had genoten, kon hij van de vermoeienissen uitrusten. Bij het afscheid aldaar verzekerde hij: “You may rest assured that de boches don’t come back” ( u kunt er verzekerd van zijn, dat de moffen hier niet terug komen).
Omstreeks zeven uur legden de Canadezen in een snel tempo een Bailybrug ter vervanging van de vernielde Bentheimerbrug. Dit ging zo snel in zijn werk, dat, als je het niet met eigen ogen had gezien, je het niet zou kunnen geloven.

Het ging daarna snel. NSB-ers werden gearresteerd door leden van de Binnenlandse Strijdkrachten, geholpen door politie en Canadese militairen. De zware gevallen werden opgesloten in de cellen van de Marechausseekazerne en het politiebureau.
De mannen werden opgesloten in het St. Anthoniusgebouw en de vrouwen in de Paul Krugerschool en Parkschool. Er werden ongeveer 350 Lűnenburgers gearresteerd en ongeveer 293 Coevorder NSB-ers. Hierbij was ook een groot aantal personen verdacht van NSB-sympathiën. Toch bleek dat de slimste van alle NSB-ers, “de Witte Ballon” nog kans had gezien om te vluchten. Wie was de Witte Ballon? Wel, dat was Catharinus de Vries, die zich in juli/augustus 1943 in Coevorden vestigde in de Bentheimerstraat 54a, waar voorheen de Joodse slager Vos zijn bedrijf uitoefende. Het gezin Vos was in de nacht van 2 op 3 oktober 1942 gedeporteerd naar Westerbork. De Vries had een witte ballon (lamp) aan de gevel en dreef handel onder de naam van “ de Coevordensche Consumptie-IJscentrale”. Zijn slagzin was: “Bij de witte ballon koop je ijs zonder bon”. Verschillende Coevordenaren, die hij tijdens de bezetting het leven zuur en moeilijk had gemaakt, hadden zo hun bedenkingen over de vlucht van de Witte Ballon.
“Hij zal wel via het Groninger land naar Duitsland vluchten en dan zien we hem nooit meer en zal hij zijn berechting ontlopen”. Maar daarover straks meer.
Om twee uur werden onder leiding van Chaplain Leng op de Algemene begraafplaats de Canadese militairen Brampton en Cliff, die de vorige dag gesneuveld waren, onder grote belangstelling begraven.

De Coevordenaren, die nu weer in alle rust naar de BBC (Radio Oranje) konden luisteren, hoorden op die vrijdagavond 6 april 1945 het volgende bericht:
Na de bevrijding van Almelo zijn gepantserde colonnes, gedeeltelijk over Duits grondgebied, doorgestoten naar het Noorden en bevrijdden Coevorden, in het zuiden van Drenthe.

Afgelost

Zaterdag 7 april 1945, de twee company’s van “The Argyll and Sutherland Highlanders of Canada” werden in de loop van de dag afgelost door een Belgisch SAS-regiment (Special Air Service), onder bevel van Majoor Blondeel. Zij waren voorzien van zeer snelle voertuigen, gepantserde jeeps. De opdracht was om de linker flank van “The 4th. Can. Armd. Div.” te beschermen en om in verschillende richtingen gewapende verkenningen uit te voeren.

 

De Belgen namen de verdediging van Coevorden ( a strong point!) over van de Canadezen en kregen een Canadese Anti-Tank Battery als steun daarvoor toegevoegd..

In Coevorden werden de bruggen bewaakt om de spionage tegen te gaan. Burgers mochten de stad in noch uit. Om 15 uur meldde de commandant majoor Wasilewski van het Poolse A-Tank Regiment zich om contact op te nemen. Zijn tanks zouden spoedig volgen.
Deze waren al om 14 in het kleine Duitse plaatsje Agterhorn, ongeveer 5 kilometer van Coevorden, aangekomen. De Belgen werden nu ingedeeld bij de Poolse 1e Pantserdivisie.
De Coevordenaren hoorden op zaterdagavond 7 april 1945 via de BBC-radio (Radio Oranje) het volgende bericht: “De Canadeesche 4e. tankdivisie passeerde gisteren Coevorden en maakte sindsdien nieuwe vorderingen in de richting van Ter Apel”.
Het War Diary van 1st. BN The Lake Superior Regiment. (Motor) melde 7 april 1945: “Clear, cool and Windy. “B”Coy returned from area Coevorden at 0900 hrs. Leaving the sc pl to quard the Brs in the area 299478, as the threat in this area no longer existed. The sc pl was to return later when relieved by a Belgian Unit”.
 

Nogmaals de Witte Ballon

Het leven in Coevorden ging eind Mei 1945 weer zijn gewone gang. We waren weer onder ons. Zo af en toe als oudere Coevordenaren elkaar op de markt troffen, ging het gesprek nog wel eens over “de Witte Ballon”. Zou die smeerlap toch nog kans gezien hebben om in Duitsland zijn heil te zoeken? Niemand wist het. Totdat het gerucht ging, onbekend uit welke bron dat kwam, dat “de Witte Ballon” in Winschoten was gearresteerd. Wij nemen nu letterlijk over wat in de “Nieuwe Coevorder Courant” van maandag 4 juni 1945 stond vermeld:

“De Witte Ballon” achter slot en grendel.
Eén van de beruchte NSB-ers de Vries, bijgenaamd “de Witte Ballon”, die kans heeft gezien op den dag der bevrijding Coevorden te verlaten, is dezer dagen in het Noorden opgespoord en gearresteerd.Woensdagavond werd hij door de Marechaussee gevankelijk per motorzijspan Coevorden binnengebracht. Een groote menschenmassa was nog tegen half elf op de been om den “triomfantelijken” intocht van dezen landverrader te aanschouwen.

 

Donderdagmorgen kreeg het publiek opnieuw gelegenheid dezen misdadiger te bewonderen, welke voorzien was van plakkaten met het opschrift: “Staatsvijand nr. 1, de Witte Ballon”.
Het zal niet voor het Coevorder publiek, maar ook voor de bewoners in verre omgeving een opluchting zijn, dat deze man, die tijdens de Duitsche bezetting zooveel ellende onder de bevolking heeft teweeg gebracht, thans veilig en wel is opgeborgen.